Efgaristo

De opa van Manos was stokoud. Hij viel in slaap boven zijn bord heerlijke lamskoteletjes en lookaardappelen. Geroosterd in de even stokoude houtskooloven op het koertje. De koteletten en de patatten. Niet de opa. Drie, vier, vijf keer per maaltijd knikte zijn hoofd. Hij schuifelde van de tafel naar zijn plastieken tuinstoel en terug. Hij was in geen jaren buiten de omheining geweest. Met uitzondering voor de begrafenis van zijn broer, zijn zus en zijn achternicht.

Manos is mijne beste moat vanop Indian Hill High School. Klein. Rond als een tonnetje. Joviale kerel. Open voor nieuwkomers. Hij is zelf een migrant. Zijn grootouders wonen in een ontiegelijk klein dorpje op Kreta. En ik was er op vakantie.

Zijn opa was even joviaal. Of zo vond ik hem tenminste. Hij sprak geen letter Engels, ik geen jota Grieks. Maar owee diegene die de eer van een Griek krenkt. Ik vatte het niet helemaal. Hij duwde Manos en mij richting donkergroen Sardonis-camionetje. We scheurden weg. Hij dirigeerde Manos zonder aarzelen door het dorre landschap over stoffige wegeltjes. Hij was er in geen twintig jaar nog geweest, maar kende zijn weg blindelings. Tot aan een veld met meloenen van zijn belager. We lieten het veld kaal achter en vulden de kelder met krachtvoer voor de geiten en kippen van de familie.

Ik moest aan hem denken, nu Manos vandaag ergens tussen Cincinnati en Kreta hangt. 

 

Reageer




Studio 8

het leven zoals het (bij ons) is. zonder grote theorieën. met een verwonderde blik op de wereld. herkenbaar, menselijk en echt.

Prentjes

bas draagt aiko 2

x-mas tree

Eenzame boom

Rogier slaat een nagelke in de muur

More Photos

Oud papier